Home / Kennisbank / Effectief online vergaderen: zo verlies je geen tijd én geen aandacht

Effectief online vergaderen: zo verlies je geen tijd én geen aandacht

Reken het eens door. Een overleg van een uur met acht deelnemers kost je organisatie acht manuren. Gebeurt dat wekelijks, dan is dat ruim vierhonderd uur per jaar, oftewel een kwart fte, voor één terugkerend agendapunt. Effectief online vergaderen gaat daarom niet in de eerste plaats over betere vergadertechniek, maar over de vraag welke overleggen […]

Reken het eens door. Een overleg van een uur met acht deelnemers kost je organisatie acht manuren. Gebeurt dat wekelijks, dan is dat ruim vierhonderd uur per jaar, oftewel een kwart fte, voor één terugkerend agendapunt. Effectief online vergaderen gaat daarom niet in de eerste plaats over betere vergadertechniek, maar over de vraag welke overleggen je überhaupt houdt.

Sinds werken op afstand normaal werd, is het aantal vergaderingen in de meeste organisaties gegroeid. Wat vroeger een korte vraag in de gang was, kreeg een agendapunt. Wat vroeger vanzelf werd afgestemd, werd een wekelijks overleg. In dit artikel lees je hoe je die groei terugdringt, welke overleggen je vervangt door iets anders en hoe je de overleggen die overblijven scherp houdt.

Begin bij de vraag of het overleg moet bestaan

De grootste winst zit niet in het verbeteren van vergaderingen maar in het schrappen ervan. Loop je vaste overlegreeksen door en stel per overleg drie vragen.

De eerste: welk besluit of welke afstemming komt hier tot stand die nergens anders tot stand komt? Kun je die vraag niet beantwoorden, dan is het overleg een gewoonte geworden.

De tweede: zit de juiste groep eraan? In de meeste terugkerende overleggen zit minstens één persoon die er ooit bij is gezet en er sindsdien nooit uitgehaald. Elke deelnemer die niet nodig is, kost per jaar tientallen uren.

De derde: klopt de frequentie? Veel wekelijkse overleggen zijn ontstaan in een drukke periode en zijn daarna blijven staan. Tweewekelijks of maandelijks blijkt vaak ruim voldoende, en de test is eenvoudig: sla het twee keer over en kijk wat er misgaat.

Doe deze exercitie één keer per kwartaal met je MT. Bij vrijwel elke organisatie sneuvelt er dan minstens één vaste reeks, zonder dat iemand het mist. Hoe dit past binnen je bredere manier van sturen op afstand, lees je in ons overzicht over hybride werken aansturen.

Wat je beter niet in een vergadering doet

Er zijn drie doelen waarvoor een online vergadering het verkeerde middel is, en samen vullen ze een flink deel van de gemiddelde agenda.

Informatie delen waarop niemand hoeft te reageren. Een update over de voortgang van een project, een toelichting op nieuwe cijfers of een mededeling over beleid: dat leest iedereen sneller dan je het kunt vertellen. Schrijf het op of neem het in vijf minuten op, en gebruik de vergaderde tijd voor de vragen die er daarna nog zijn.

Statusrondjes langs deelnemers. Wat iedereen deze week heeft gedaan, hoort in het systeem waar het werk staat. Een rondje van acht mensen kost twintig minuten en levert zeven mensen niets op, want iedereen luistert alleen naar zijn eigen beurt.

Brainstormen zonder voorbereiding. Online levert een open brainstorm doorgaans de ideeën op van de twee mensen die het snelst praten. Laat mensen eerst individueel en schriftelijk aanleveren, en gebruik de sessie voor het bespreken en aanscherpen van wat er ligt. De kwaliteit van de uitkomst gaat merkbaar omhoog.

Wat wel in een vergadering thuishoort

Een online vergadering is het juiste middel wanneer je iets nodig hebt dat alleen ontstaat als mensen tegelijk aanwezig zijn. Dat zijn in de praktijk vier situaties.

Een besluit waarbij je draagvlak nodig hebt en waarbij de bezwaren op tafel moeten komen. Een gesprek waarin de verschillende perspectieven op elkaar moeten reageren, zoals bij een lastige klantsituatie. Een moment waarop je gevoel wilt krijgen bij hoe iets landt in de groep. En werk waarbij mensen elkaar nodig hebben om verder te komen, zoals het samen scherpstellen van een plan.

Herken je in die opsomming je eigen agenda niet, dan weet je waar de winst zit. Een agenda die voor de helft uit informatiedeling bestaat, is geen agenda maar een gewoonte.

Gratis pdf

Acht vragen voor elke vrijdag

Sluit je week bewust af. Acht scherpe vragen die laten zien wat er echt speelde, wat beter kan en waar je aandacht volgende week heen moet.

Kortere overleggen zonder inhoud te verliezen

De duur van een vergadering wordt zelden bepaald door de inhoud. Hij wordt bepaald door wat de agenda toestaat. Zet je een uur, dan duurt het een uur.

Zet de standaardduur daarom op vijftig minuten en voor korte punten op vijfentwintig. Dat is geen trucje: het levert bij vier overleggen per dag een halfuur op en het geeft mensen de kans om even van hun scherm weg te lopen. Dat laatste is voor het volhouden van een dag met veel online overleg minstens zo belangrijk.

Zorg daarnaast dat er per punt een voorstel ligt. Een open discussie zonder vertrekpunt kost twee keer zoveel tijd als een gesprek over een concreet voorstel dat je kunt aanvallen of aanvullen. Vraag degene die een punt agendeert daarom altijd om een voorstel, ook als het nog niet af is.

En houd de groep klein. Boven de acht deelnemers verandert een gesprek in een uitzending, en verdubbelt de tijd die je nodig hebt om iedereen aan het woord te laten. Wil je meer mensen informeren, doe dat dan buiten het overleg om.

Aandacht vasthouden bij de overleggen die overblijven

Tijd besparen is de helft van het werk. De andere helft is dat de tijd die je wél gebruikt daadwerkelijk aandacht oplevert. Online concurreert je vergadering met de mailbox, de chat en het eigen werk van elke deelnemer.

De belangrijkste maatregel is relevantie: wie er niet hoeft te zijn, haakt af, en dat is terecht. Daarnaast helpt het om mensen bij naam te vragen in plaats van de groep als geheel. Wie merkt dat hij elk moment aan de beurt kan zijn, blijft aangehaakt.

Wissel bij langere sessies van werkvorm. Een presentatie van tien minuten, gevolgd door tien minuten in kleine groepjes, gevolgd door een plenaire terugkoppeling houdt mensen aanzienlijk beter bij de les dan een uur doorpraten met zijn twaalven.

Plan tot slot pauzes en houd je eraan. Vijf minuten per drie kwartier lijkt verlies en verdient zichzelf terug in de kwaliteit van het tweede deel.

Organisatiebrede ingrepen die werken

Individuele goede voornemens houden geen stand tegen een cultuur waarin iedereen elkaars agenda volboekt. Drie ingrepen op organisatieniveau maken het verschil.

Een vergadervrij dagdeel. Bijvoorbeeld elke ochtend tot elf uur, of één vaste dag per week. Het effect is groter dan individuele afspraken, omdat niemand zich hoeft te verantwoorden voor het blokkeren van tijd.

Nee zeggen legitimeren. Zolang aanwezigheid als betrokkenheid wordt gelezen, durft niemand af te haken. Zeg expliciet dat mensen een uitnodiging mogen weigeren als een overleg voor hen geen waarde heeft, en houd de organisator verantwoordelijk voor een agenda die duidelijk maakt wie er nodig is.

Standaarden vastleggen. Elke uitnodiging bevat een doel, een tijdsindeling en eventuele stukken. Zonder die drie hoeft niemand te accepteren. Dit klinkt streng en het verandert binnen twee maanden de kwaliteit van elke uitnodiging in je organisatie.

Geef daarbij zelf het voorbeeld, want je agenda is zichtbaar. Als jij vergaderingen van een uur plant zonder agenda en op vrijdagmiddag nog een overleg inschiet, is dat de norm geworden, ongeacht wat er in je beleid staat.

Besluiten nemen buiten de vergadering om

Een groot deel van de vergadertijd gaat op aan besluiten die geen bijeenkomst nodig hebben. Wie de organisatie zo inricht dat die besluiten elders vallen, wint tijd zonder dat de kwaliteit daalt.

Begin met bevoegdheden. In veel organisaties komen kwesties op de MT-agenda die één persoon prima zelf kan afhandelen, simpelweg omdat niemand heeft vastgelegd wie waarover gaat. Maak per gebied expliciet wie beslist tot welk bedrag of welke impact, en wie alleen geïnformeerd hoeft te worden. Elke bevoegdheid die je lager belegt, is een agendapunt minder.

Werk daarnaast met een schriftelijke besluitroute voor eenvoudige kwesties. Iemand schrijft een voorstel van een halve pagina met achtergrond, opties en advies, de betrokkenen reageren binnen twee dagen en bij geen bezwaar is het besloten. Alleen als er een fundamenteel verschil van inzicht ontstaat, gaat het naar een overleg. Dit werkt aantoonbaar goed voor het merendeel van de operationele besluiten.

Let wel op één ding: deze route werkt alleen als mensen daadwerkelijk lezen en reageren. Stilte moet instemming betekenen en dat vraagt discipline. Introduceer het daarom klein, met een beperkte groep, en breid pas uit als het ritme staat.

De verborgen kosten die je meestal vergeet

Bij het doorrekenen van vergadertijd tellen de meeste organisaties alleen de vergadering zelf. De werkelijke kosten liggen hoger.

Er is voorbereidingstijd, er is nawerk en er is wisseltijd: de minuten die iemand nodig heeft om na een overleg weer in zijn werk te komen. Bij vier overleggen op een dag is die wisseltijd bij elkaar snel een uur, en het is precies de reden waarom een volle vergaderdag zo weinig oplevert.

Daarnaast is er de versnippering. Vier overleggen verspreid over de dag laten geen enkel blok over dat lang genoeg is voor geconcentreerd werk. Dat is geen kwestie van discipline maar van rekenen: diep werk vraagt aaneengesloten tijd, en die is er dan simpelweg niet.

Cluster daarom overleggen zoveel mogelijk op dezelfde dagdelen. Twee dagen met veel overleg en drie dagen met ruimte leveren aantoonbaar meer op dan vijf dagen met elke dag drie afspraken.

Reken die kosten ook eens hardop door in je MT. Zet de vergaderuren van een terugkerend overleg naast een gemiddeld uurtarief en je hebt een bedrag waar niemand omheen kan. Dat is geen boekhoudkundige exercitie maar een gespreksopener: zodra een wekelijks overleg zichtbaar tienduizenden euro’s per jaar kost, wordt de vraag of het nog nodig is opeens een stuk makkelijker te stellen.

Veelgestelde vragen over effectief online vergaderen

Hoeveel tijd besteedt een gemiddelde leidinggevende aan vergaderen?

Bij directeuren en MT-leden loopt dat in de praktijk al snel op tot de helft van de werkweek, en soms meer. Het is zinvol om je eigen agenda over een maand terug te kijken en het percentage uit te rekenen. Die uitkomst is vaak de aanleiding om het gesprek in het MT te openen.

Hoe schrap ik een vast overleg zonder mensen voor het hoofd te stoten?

Door het niet definitief te schrappen maar op pauze te zetten. Kondig aan dat het overleg twee maanden niet doorgaat en dat je daarna evalueert wat er is misgegaan. In de meeste gevallen blijkt dat weinig, en dan is het besluit vanzelfsprekend geworden in plaats van opgelegd.

Wat is een goed alternatief voor een informatief overleg?

Een korte schriftelijke update op een vaste plek, eventueel aangevuld met een opname van een paar minuten voor toelichting. Voeg daar een moment aan toe waarop mensen vragen kunnen stellen, bijvoorbeeld een open spreekuur. Zo verlies je de mogelijkheid tot doorvragen niet, terwijl je de tijd van iedereen respecteert.

Werkt een vergadervrije dag in de praktijk?

Ja, mits hij organisatiebreed geldt en de leiding zich er ook aan houdt. Een vergadervrije dag die per team wordt ingevoerd, sneuvelt op het eerste overleg met een andere afdeling. Voor veel organisaties werkt een vergadervrij dagdeel per dag beter dan een hele dag, omdat het minder inplanproblemen geeft.

Hoe weet ik of onze overleggen effectiever zijn geworden?

Kijk naar drie dingen: het totale aantal vergaderuren in de organisatie, de doorlooptijd van besluiten en de hoeveelheid aaneengesloten werktijd in agenda’s. Vraag daarnaast één keer per kwartaal aan je teams welk overleg wat hen betreft kan vervallen. Die vraag levert altijd bruikbare antwoorden op.

Tot slot

Effectief online vergaderen begint met minder vergaderen. Schrap wat een gewoonte is geworden, vervang informatiedeling door iets wat mensen kunnen lezen, houd de groep klein en de duur kort, en bescherm aaneengesloten werktijd op organisatieniveau. De overleggen die dan overblijven, gaan over de dingen die er werkelijk toe doen, en dat merkt iedereen in de kwaliteit van de besluiten.

Even sparren over jouw leiderschap?

Laat je gegevens achter, dan plannen we een impactcall van dertig minuten. We kijken waar jij staat, wat je wilt ontwikkelen en of SiET! daarbij past. Past het niet, dan zeggen we dat gewoon.

Reactie binnen één werkdag
← Terug naar kennisbank

Plan nu je impactcall

Dit artikel is geschreven door Edwin Webster, oprichter van SiET! LEIDERSCHAP. Edwin begeleidt al jarenlang ondernemers, directeuren en managers op topniveau in leiderschapstransformatie, met een sterke focus op verantwoordelijkheid, bewustzijn en duurzame impact.

Neem contact op
Ben jij de leider waarvoor SiET! is ontwikkeld?

Download de brochure en ontdek hoe SiET! leiders helpt groeien.

Direct beschikbaar als PDF